Ik wil een vettere auto, meer pk's. En snel. En meer aandacht. Ik wil dat iedereen ziet dat ik zo modderfokking hard werk om de allerbeste te worden in mijn vak. En daarom wil ik veel aandacht. En daarom twitter ik. Twitter ik me suf.
Aandacht aandacht aandacht. Ik wil steeds meer, maar krijg steeds minder.
Kijk eens, dit is mijn auto, en hier nog eentje, dit mijn huis, ja tegenover een park, mooi hè? Dit is mijn vriendin, ja. En dit zijn mijn drie kinderen. Drie ja. Prachtig, ik weet 't, maar bedankt. En vrienden, ik heb veel vrienden, veel bekenden ook, en ook veel volgers, followers. Ik ben immens populair, men wil weten wat ik denk, dat vind ik fijn. Ik vind het fijn te weten dat men wil weten wat ik denk. Want ik ben belangrijk, voel me ook belangrijk, heb iets te zeggen, heb veel geld, alles zat mee, zit mee. Ik ben nooit ziek, ben iets te dik, maar nooit ziek. Maar ik wil wel meer aandacht als dat kan.
Aandacht aandacht aandacht. Aandacht de paandacht, hierheen ermee! En snel.
En als ik dood ben? Dan wil ik nog steeds heel veel aandacht. En mooie woorden.
Maar na een dag mag iedereen me wel weer vergeten hoor. (Want zo gaat dat.)
